Deel 47: Pioenroos

Oorspronkelijk is de stamvader van de pioenroos (Paeonia officinalis) afkomstig uit zuidoost Europese streken, zoals Griekenland en Turkije. Het geslacht omvat precies 33 soorten, maar doordat liefhebbers ze in alle geuren en kleuren gekweekt hebben bestaan er ondertussen ontelbare hybriden (gekweekte bastaarden) van de plant. De pioenroos wordt hier ook wel de boerenpioen genoemd en bloeit met prachtige karmozijnrode bloemen.

Het eerste deel van zijn wetenschappelijke naam, ‘Paeonia’, vernoemt Pæon, de lijfarts van de Griekse goden. De mythe vertelt dat hij de plant op de berg Olympus van de moeder van de god Apollo had gekregen, maar stervelingen werden vaak gestraft wanneer ze een cadeau van de goden accepteren. Dat was ook hier het geval omdat de pioenroos niet verplaatst moet worden want daarna zullen ze een aantal jaren niet willen bloeien. Eenmaal gewend kan hij echter enkele decennia achtereen bloeien. Dat hij naar een Griekse arts vernoemd is doet al vermoeden dat hij medicinaal kon worden ingezet. En datzelfde vertelt ons het tweede deel van zijn naam, ‘officinalis’ dat afkomstig is uit het Latijn en zoiets betekent als ‘gebruikt in de geneeskunde’.

Aangezien deze column is opgenomen in het boek 'Gevaarlijke Planten' heeft de uitgever mij verzocht een deel van de column te verwijderen. Wil je deze of andere columns toch in zijn geheel lezen? Bestel dan het boek!

Zie linksboven op deze site voor bestelinformatie.