Nootmuskaat is een oosterse specerij, afkomstig van de muskaatboom (Myristica fragrans). Het Nederlandse woord 'nootmuskaat' is een verbastering van het Latijnse nux moschatae, wat ‘naar muskus ruikende noot’ betekent. Vreemd genoeg is de nootmuskaat geen noot, maar een pit van een perzikachtige vrucht. Van de zaadmantel van de pit wordt foelie gemaakt. De muskaatnoot is zeer hard: in de keuken wordt de muskaatnoot daarom alleen in geraspte vorm, de nootmuskaat, gebruikt. Speculaas krijgt zijn unieke smaak door de toegevoegde nootmuskaat.
Het eerste deel van zijn wetenschappelijke naam, Myristica, stamt af van het Oudgriekse woord múron (μύρον) 'geurende olie' of 'parfum' betekende. Dat Griekse woord kan weer geleend zijn uit het Semitisch en kan daardoor een broertje van het Hebreeuwse woord mor (‘mirre’) zijn. Het tweede deel, fragrans, verwijst naar de heerlijke geur: het is het Latijnse woord frāgrāns, wat voor ‘geurig’ of ‘aromatisch’ betekent. Ter informatie: frāgrō betekent 'ik ruik'.
Je hebt maar weinig nodig nootmuskaat om gerechten heerlijk te kruiden en dat is maar goed ook omdat een teveel aan nootmuskaat vervelende gevolgen kan hebben. De aanstichter van dat kwaad is de myristicine. Dat stofje komt voor in de etherische oliën van de nootmuskaat en werkt als een insecticide en acaricide (mijtendoder).
Men vermoedt dat het ook een neurotoxisch effect heeft op bepaalde neuronen in je hersenen omdat je lichaam de myristicine omzet in andere stofjes, die lijken op ecstacy (XTC). Daardoor ontstaan bij overmatig gebruik hallucinaties. Vooral uit buitenlandse gevangenissen komen berichten dat nootmuskaat gebruikt wordt om even aan de grauwe werkelijkheid te ontsnappen. Men schat dat een hoeveelheid van ongeveer 5 gram nootmuskaat bij volwassenen al kan leiden tot buikpijn, braken, duizeligheid, onrust en stoornissen in het bewustzijn. In de gevangenis gebruikt men voor een ‘trip’ hoeveelheden tot zelfs 20 gram. De eerste 45 minuten na inname hebben sommigen last van misselijkheid. Daarna ontstaan vaak wat dwaze gedachten en wordt er stom gegiecheld. Dit wordt gevolgd door een droge mond en keel, rood worden van de huid en oogwit. Soms voelt iemand zich geagiteerd en hyperactief, maar veel vaker zal hij zich zwaar, onder invloed en zich niet in staat voelen om ook maar iets te doen. Later ontstaat een euforisch gevoel waarin iemand zich helemaal gelukkig voelt en dromerige visioenen krijgt. Als hij al spreekt, spreekt hij wartaal. Het lastige van een nootmuskaatroes is dat je niet kunt slapen, maar tegelijkertijd ook niet helemaal wakker bent. Deze toestand kan wel 12 uur lang aanhouden, gevolgd door 24 uur waarin je veel slaapt. Na die tijd ontstaan vervelende effecten, zoals spierpijn, botpijn, depressieve gevoelens en hoofdpijn.
Nootmuskaatverslaving komt, gezien die vervelende bijwerkingen, maar heel weinig voor.