Wegedoorn

De wegedoorn (Rhamnus cathartica) is een middelhoge struik en zelden een kleine boom. Waar precies de grens tussen boom en struik ligt heeft niemand nog duidelijk kunnen maken. Waarschijnlijk zullen de zich met alles bemoeiende ambtenaren van de Europese Gemeenschap daar binnenkort wel wetgeving over gaan maken. Normaal lopen de twijgen van de wegedoorn in een slanke doorn uit. Aan weerszijden daarvan ontstaan jonge twijgen. Vandaar zijn Duitse naam Kreusdorn (‘Kruisdoorn’).
Het eerste deel van zijn wetenschappelijke naam, Rhamnus, vernoemt de Griekse godin Nemesis. Die had ook de bijnaam van (godin van) Rhamnus omdat men in die plaats een heiligdom had voor haar had opgericht. Nemesis was de godin van de goddeloze vergelding en was daarin meedogenloos. Nee, deze keer vertelt die naam niets over de giftigheid omdat deze naam in de oudheid vaker werd gebruikt om doornachtige planten, struiken en bomen te benoemen. Het tweede deel, cathartica, is afkomstig van het Griekse woord katharsis dat ‘zuiveren’, ‘reinigen’ betekende. Vervolgens was katharos zoiets als ‘rein’ of ‘puur’. Het verklaart dat deze struik werd gebruikt als laxeermiddel om het lichaam te reinigen van allerhande ziekmakende stofjes.

De werkzame stof van de wegedoorn is hydroxymethylanthraquinone en dat is een voor je maag en darmen zeer irriterende stof. Bovendien is het een glycocide en daarvan is bekend dat ze op het hart inwerken. Ook kan het een dermatitis veroorzaken. Die allergische reactie is al vervelend als deze op je huid optreedt, maar nog vervelender is het als die intern allerhande negatieve effecten veroorzaakt.

Vroeger aten volwassenen voor het ontbijt op de nuchtere maag een stuk of 10,12 besjes en die paar besjes zorgden al voor de gewenste leegloop van de darmen. Neem je ietsjes teveel van de wegedoorn in dan kun je rekenen op veel meer dan de verwachte laxerende werking want een overdosering levert extreme vormen op. De symptomen van vergiftiging van de wegedoorn zijn misselijkheid, overgeven, maag- en darmkrampen en ernstige diarree. Zoals verwacht wordt de wegedoorn in de moderne medicijnkast niet meer aangetroffen.

Bovendien, zo blijkt uit recent wetenschappelijk onderzoek, heeft het eten van de besjes ook een behoorlijk nadelig effect op de lever. Die schijnt dat wegedoorngif maar moeilijk te kunnen verwerken. Daardoor hoopt het gif zich op, beschadigt het leverweefsel en zorgt vervolgens voor littekenweefsel. Dit ziektebeeld staat bekend als levercirrose en is op zijn beurt weer een voorbode van leverkanker. Bij een slecht werkende lever komen de giftige stoffen weer in het lichaam terecht. Hierdoor worden de hersenen aangetast, je wordt suf en raakt in een coma.

[Fred de Vries]